maandag 21 augustus 2017

Hoofdstuk 7.Agressieve poging van A-Meng.Dl.2.

Ik zag hem wel maar zei niets tegen hem en hij zei ook niets maar liep weer weg.
Van dat tehuis kreeg 1 vrije dag per maand,maar moest wel om 17.00 uur terug zijn. 
Ik bezocht die Portugese werkgever wiens vrouw mij de politie adviseerde. 
Die vrouw gaf mij nog een beetje loon waarmee ik op de markt wat kon kopen voor wat
handwerk. 
Dat vond ik erg leuk maar ik ging echter weer eerst langs A-Meng.
Daarna weer met 2 bussen terug naar het tehuis,zoals ik dat ook bedoelde. 
Na de eerste busrit wachtte A-Meng met Bloem op mij,die mij vertelde,dat ik niet meer
naar dat tehuis terug mocht en ik moest de volgende dag weer naar de politie.
Ik moest daar vertellen,dat ik weer bij A-Meng wilde wonen. 
Die Singh-officier was erg boos en zei dat ik nooit meer om hulp mocht vragen. 
Ik vermoedde dat A-Meng werd opgestookt om mij te dwingen tot mijn leugen. 
Het was immers helemaal niet waar,want ik was met de bus al onderweg naar het tehuis,
waar ik het best naar mijn zin had. 
Weer had ik daarna ruzie met hem en hij sloeg mij toen bont en blauw met een metalen
riem omdat ik niet luisterde. 
Ik lag op het houten bed dat voor zijn Stief-grootmoeder was bedoeld. 
Ik werd boos op A-Meng en hij zag in dat hij fout was met zijn daad,waarna hij mij om
vergeving vroeg,dat ik hem nu niet gaf.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten