Hij zei daarop dat hij zichzelf zou ophangen.
Ik geloofde hem niet,maar hij deed het echter wel toen alle lichten uit waren.
Hij liet een stoel vallen en maakte een geluid van benauwdheid,waarop ik
gilde van schrik.
Hij hing al maar hij werd echter omhoog gehouden door zijn oom die hulp bood.
Die oom had ook de eigenaar van de Boedhistentempel geroepen die het touw
door heeft gesneden.
Daarna werd er paarden-urine onder A-Meng`s neus gehouden.
Die urine zat inn een klein potje dat bedoeld was om het slachtoffer bij zijn
positieven te houden.
Hij werd met de Ambulance naar hhet ziekenhuis gebracht.
Ik ging met hem mee en werd in het ziekenhuis aangesproken door een andere
man met een Singh-tulband die mij vroeg wat er mis was en ik vertelde het hem.
Omdat het ziekenhuis nogal ver weg was van waar wij woonden,
bood hij aan om mij naar het tehuis van de YMCA te brengen.
dat was dichtbij het ziekenhuis.
De andere dag bracht hij mij op zijn scooter eerst naar zijn kantoor,waar hij zich
in een boek
eerst even verantwoordde en daarna bracht hij mij weer thuis.
Zijn naam was Chengh zoals ik mij nu herinner na al die jaren op Singapore.
Thuis vertelde ik de familie alles over wat er was gebeurd,dat hen droevig stemde.
Een buurman met een hoge rug dwong mij ook aangifte te doen bij de politie
met de vermelding dat het mijn schuld was,want ik wilde immers niet vergeven.
Die buurman zei dat als ik het niet zo zou vertellen,dat ik meer problemen kreeg.
Na verblijf in het ziekenhuis werd A-Meng voor 2 weken in een Psychiatrische
Inrichting geplaatst en dat was niet zover van zijn ouderlijk huis vandaan.
Wel was het nodig om er met de bus heen te gaan,dus bezoek was goed mogelijk.
In die inrichting werden aan A-Meng vele vragen gesteld,waaronder wat telefoon-
nrs. die hij gewoon kon noemen.
Daardoor konden zijn ouders worden ingelicht.
Dit nieuws deed hen huilen,want naar hun begrip zou hun zoon nu voor het leven
mentaal gehandicapt zijn.
Het nieuws kwam immers via de Boedhisten-tempel.
Zijn Stief-grootmoeder adviseerde mij oom ergens anders te gaan wonen.
Zij verwachte niet dat A-Meng ooit terug zou komen,maar ik wist geen ander adres.
Na 2 weken sprak ik de Indische arts van die Inrichting,waarvan ik vernam dat
A-Meng de inrichting kon verlaten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten