Op en avond nam Alice mij mee naar een gelegenheid voor ontspanning,
maar dat bleek een nachtclub te zijn. Dat zag ik u voor het eerst.
In ons gezelschap van andere meisjes van het Leger des Heils-tehuis
waren ook nog 3 kiwi-mannen. Die meisjes woonden nu in mijn Flat.
Eèn van die 3 kiwi-mannen(Nieuw-Zeelanders) was een donkertype
zoals een neger.
De 2 anderen waren blanken en ik zat met 1 van die 2 aan tafel.
Ik noemde die ene gemakshalve maar "Kojak" vanwege zijn kale hoofd.
Hij zag dat er politie kwam bij Alice.
Hij waarschuwde mij daartoe en ik stond op om er naartoe te gaan.
Ik vertelde de politie dat Alice mijn dochter was,ondanks dat zij mij thuis
al verzocht om dat niet te zeggen. De politie vroeg haar identiteitskaart.
Alice zei dat haar vriendin Celina dit thuis had liggen.
De politie nam Alice mee.
Ik ging met Celina die kaart thuis ophalen en daarmee naar het politie-
bureau,waar die kaart werd getoond. Daardoor kwam Alice weer vrij.
Wij namen de taxi en bleven rondjes rijden om die kiwi-mannen te
ontwijken,sie ons vragen zouden stellen. Zij wachtten in mijn Flat.
Zij wilden weten hoe het ging.
De meisjes slaagden er niet in om die mannen te ontwijken,dus toen wij
in de flat kwamen zaten ze er nog steeds.
Eèn van hen huilde zelfs,want hij was bezorgd.
Het was kojak die huilde en vroeg wat er was gebeurd.
Die mannen mochten van de meisjes niet mee naar het politie-bureau.
Die mannenwilden graag mee.
Als het wel mocht was het heel anders afgelopen.
Kojak was de vriend van Anny.
Hij was kennelijk de oudste van de 3 mannen en ook de langste van hen.
De neger-kiwi was de vriend van Alice en de derde man was de vriend van
Jacky,die de vriendin van Alice was.
Toen wij thuiskwamen was Anny er niet bij.
Anny was ook niet bij ons in de nachtclub en ik wist ook niet waar ze wel was.
Dat is een verhaal op zichzelf in een latere periode.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten